Ver van verharde wegen dwaalt
de modder van zware regenval
of het stof na langdurig droogte;
paden strekken banen tot buiten.
Zo is de natuur ook binnenstad;
mank de laatste bij de draaideur,
toch allereerste bij de koffietafel.
Modderwater plooit karrensporen,
plooit levensmoe in levensmoel.
Teneerslag leidt kop levenssmoes;
’t vel schrijnt rood en ook schraal,
zo smaakt het leven lang schrapen.
Ver van ‘t mos en ‘t verend veen
dwalen stof en geest in wederkeren.
Het wezen spoelt putten schoon
en zoekt in stromen naar de ziel.
zie ook www.cpvincentius.nl voor andere BLOTTOMOTTO's -voorYOUTUBEFAVORIETEN en w.v.t.t.k.





