Wachtwoord vergeten Registreren
Zoeken
uitgebreid zoeken

Reageren

Reageren en commentaar geven op dit literair werk? Favoriet maken of alle commentaren, reacties en wijzigingen automatisch volgen?

Log dan in.
Zien welk commentaar al gegeven is? Klik dan op 'Toon commentaarvlaggen'

Toon commentaarvlaggen

Ravitaillering te Emmen

Kort verhaal
profielfoto
20 december 2011
6 reacties
140 keer gelezen
2.333335
Copyrightkeuze:
Volledig copyright

Werk is leesbaar voor:
iedereen

een kerstsprookje

Gelukkig heeft de Hanomag Henschell een gesloten bovenbouw. De eerste natte sneeuw van december waait met rukwinden tegen ruiten van de cabine. Ruitenwissers kunnen het nauwelijks. In de schemer van de laadruimte liggen Olaf Jozef, dichter en verder thuis op zijn handen gedragen door zijn moeder, Anne Thèrese, dichteres en hoger in rang dan Paula, dichteres en Marva te Bunnik. Ook Roelofje Maria, dichteres en verkoopster fijne vleeswaren ligt in een slaapzak in de laadruimte, naast Duppie, een bejaarde golden retriever reu met bijbehorende stank en valsheid en Debbie een veel jongere en hoogdrachtige golden retriever teef. Henk Pieter, dichter, Fries en veehouder te Twijzelerheide rijdt om beurten met Fridtjof, dichter, Drent en uitgever te Emmen. Het is een oude laadbus met slechte vering en een versnellingsbak die creatief klutsen. Ook Roelofje Maria is hoogzwanger en aarzelt tussen Fridtjof en Olaf Jozef, zodra vaderschap. Twee dozen met flessen oude jenever, een stapel plakken stuff, gekocht bij een champignonkwekerij bij Grubbenvorst: het is de extra ravitaillering voor het verblijf op een oude boerderij, waar de dichterscommune. Zojuist is Emmen verlaten. Drie plastic zakken met levensmiddelen, waaronder eierkoeken, staan klem tussen. Na vier uur hobbelen in de laadruimte koelen de waterkruiken in aller slaapzakken. Friesland, Limburg en uiteindelijk Drenthe, de weg kan lang. Het licht van de lamp op batterijen flikkert, zodra het spekgladde asfalt plaats maakt voor een verhard, maar niet minder glibberig.
Ook gesprekken horten. Roelofje Maria schiet in de verdediging zodra Olaf Jozef haar haikuachtige relatiegedicht. Uitgerekend Olaf Jozef!
-‘Ik probeer juist met die strofe aan te geven, dat wij elders dwaalden.’
-‘Dat lees ik nou eenmaal niet uit,’
Olaf Jozef blijkt consequent doorzagen.Fridtjof draait zich om en reageert: ‘Het enige wat mij aan dit gedicht stoort, zijn de zinnen ‘boerinnen huppelen in het rond’ en later die uitdrukking ‘de godvergeten gehuchten’. Maar dat kan aan mij liggen.’
-‘Ik zie vooral raakvlakken en parallellen met vorige cyclus, waarin je ook twee personen afzondert van elkaar en van de wereld om hen heen en hoe de wereld zich tenslotte ook van hen afzondert,’ probeert Henk Pieter de gemoederen te sussen.
‘Onlangs schafte ik mij nog een bundel van Guillaume Apollinaire aan. Viel mij op de keper beschouwd toch.’ Anne Thèrese fronst, hetgeen de aanblik van haar neusje niet ten goede.
‘Ja, maar die moderne bedoelde poëzie van {{{ïe-e-ïet-e-iët-e-ïet-e-iets}}} dan?’ Fridtjof kijkt Anne Thèrese langer dan bedoeld.
‘Ja, da’s andere koek! Dat staat midden,’ valt Roelofje Marie Fridtjof.
‘Dromerig mompelt Henk Pieter: Ik vind Roelofje Marie ook mooi en vooral goed in ‘Het begrijpen van een vuist’ uit haar bundel ‘Hemelse Herrie.’
‘De intieme atmosfeer van dit verder episch gedicht vind ik,’ beaamt Paula.
‘Ja’, vindt ook Olaf Jozef, ‘daar staan een paar mooie gedichten.’
De oude jenever in plastic bekers warmt. Fridtjof draait uit drie vloeitjes een grote. Olaf Jozef merkt op dat Fridtjof hem voor zichzelf.
Intussen komt Duppie traag en kreunend overeind en hijgt van alle. ‘Het gaat bergafwaarts met Duppie,’ vindt Henk Pieter.
Dan barst Anne Thèrese in snikken. Snotterend verklaart zij:
‘Ik merk dat nu eerst echt de emotie in mij.’
Roelofje Marie legt een hand op haar. Henk Pieter gluurt langs ruitenwissers naar buiten, waar het guurt.
‘Hoever is het nog naar die boerderij?’vraagt Olaf Jozef. Hij staat pal achter de cabine met Fridtjof en Henk Pieter en rilt in zijn dunne.
Fridtjof leunt naar achteren, neemt een diepe trek, welke hij zeer, zeer langzaam laat. Daarna zegt hij: ’Nog een kwartier met deze auto, op deze weg en in dit. Lopend ben je nu zo een uur.’
Roelofje Marie glijdt onderuit en kreunt: ’Ik geloof dat de weeën.’
Onmiddellijk weet zij een zorgzame Paula en Anne Therèse naast.
Meteen daarop begint Debbie te piepen, komt even overeind om zich te schudden en zakt dan kermend terug op de wollen.
Met een schok komt de Hanomag Henschel tot staan. Lege jeneverflessen rollen door de laadruimte. Fridtjof verslikt zich in een volgende en diepe teug van zijn. Hoestend komt hij overeind. De Hanomag Henschel zakt langzaam naar links weg en helt. Paula springt over Roelofje Marie heen, richting cabine en schreeuwt: ’Eruit!’
Duppie draait zich grommend naar Olaf Jozef en bijt. Debbie spreidt haar achterpoten en onder haar jankend piepen komt de eerste. Anne Thèrese houdt Roefje Marie stevig. Fridtjof springt uit de cabine op het spiegelgladde. Voorzichtig schuifelt hij naar de achterklep van de Hanomag Henschel, terwijl binnen Paula. Fridtjof wordt gevolgd door Henk Pieter, die de sleutel van de achterklep. Tenslotte houdt het wiebelen en overhellen van de Hanomag. Paula stapt naar buiten met de slaapzak over haar. Olaf Jozef volgt. Fridtjof tilt Duppie naar buiten, die onmiddellijk in de sneeuw in elkaar. Dan kijken ze naar binnen, waar Roelofje Marie en Debbie in barensnood. Henk Pieter wijst. Ginder brandt licht. In een biobedrijf wordt op vaste tijd. Gezamenlijk gaan Olaf Jozef, Fridtjof en Paula op. Elk heeft een slaapzak over de. Binnen de kortste keren zijn ze. In de Hanomag komt Roelofje tot. ‘Een pauze,’ fluistert ze, al geldt dat niet voor Debbie. Al spoedig liggen vier pups tegen de tepels en loddert Debbie. Buiten heerst een onafzienbaar en onpeilbaar wit, waaruit straks de redding moet. Eenmaal uit de beschutting van de Hanomag Henschel hebben sneeuw en wind vrij spel, ontnemen hen het zicht en verkillen hen tot op het. ‘Godkankerkutjezus,‘ kreunt Fridtjof en ook Henk Pieter.
Het zal in de nacht van de drieëntwintigste op de vierentwintigste december zijn, dat Fridtjof en Henk Pieter aankloppen bij de achterdeur waar licht brandt en hen wordt.

 

 

 
zie ook www.cpvincentius.nl voor andere BLOTTOMOTTO's, voorYOUTUBEFAVORIETEN en w.v.t.t.k.

 

Reacties

28-12-2011 10:49
Rest mij nog de geïnteresseerden in de poëzie van {{{ïe-e-ïet-e-iët-e-ïet-e-iets}}} te wijzen op de www.krakatau.nl van woensdag 28 december 2011 waar enige fraaie exemplaren te bewonderen en te becommentariëren zijn.
20-12-2011 19:09
Beste ladeko,

Ik heb geprobeerd een non-kerstsprookje te schrijven, een pseudo-moderne variatie op het kerstverhaal. Een van de simpele stijltruukjes die ik mij heb veroorloofd, is weglaten van woorden aan het eind van de zin. Een andere is de doordravende dramatiek, met geboortes bij hond en bazin.

Het is bedoeld om de valse romantiek van de kerst het hoofd te bieden, meer niet.

met vriendelijke groet,
20-12-2011 19:01
Hi Chris,
Wat een ingewikkelde story zeg!!!!!!!
Af en toe breek je de zinnen zomaar af. Is dat om een speciale reden? Vanwege de schokkende passages?
Mij - als simpele ziel - heb je in verwarring gebracht met dit verhaal.
Al lezende vond ik het moeilijk de draad in je verhaal vast te houden.
vriendelijke groet Ladeko
20-12-2011 11:29
beste Souza,

Uw Pools of daaromtrent kan ik volledig ónderschrijven!

Met gruwelijke voeten,

Chris
20-12-2011 10:55
Ja smiejelsa. Aridzjinal.
20-12-2011 08:31
om de lezers van LW niet teveel te ontrieven, zijn al te schokkende passages verwijderd.
Deze site wordt mede mogelijk gemaakt door
Volg ons via