’t Scheepswrak sprak weesch en waarsch
voor hen die hedendaags Haags deden.
Zaklantaarn klonk ’t voor aantal kaarsch;
een stoet toestemming werd vermeden.
‘r Smoes klet ‘s; ‘k drol in ’n verre draai,
krolse draaikolk heeft spat smeltkroes.
Morst theelepel dan slag in ’t glazen fraai,
zo polijst ijsbeer poolijs in bloedroes.
‘Toon weiland voorts,’ zo bast beer rond,
op bosrand van zijn ongewone eiland.
Ferm storf d’ woudloper in niet te wennen
zodiac; dennenwoud, permafrost: vijand.
.
Op het fierst ook weet sneeuwstorm hier
’t strafst in norm tot stierf toe verkillen.
‘Stort,’ roept de laatste in oneindig schier
en meldt trots elk heldenmoed te villen.
zie ook www.cpvincentius.nl voor andere BLOTTOMOTTO's en voorYOUTUBEFAVORIETEN




