Na een grondige zoektocht vond Constantijn de driepotige kat Nikola Tesla op de zolder, momenteel in gebruik als slaapkamer van zijn zus, en in handen van buurjongen Daan, die zijn klauwen in het nekvel van het dier had gezet, waardoor de twee voorpootjes slap hingen en het linkerachterpootje doelloos in het luchtledige trapte.
Een halfjaar eerder was Nikola Tesla geadopteerd door Constantijns moeder, die hem gered had uit een nest kittens dat in een onfortuinlijke situatie ter wereld was gekomen. Al snel was Nikola Tesla de eerste en enige vriend van Constantijn. De basis van deze vriendschap werd gevormd door de wederzijdse acceptatie van beider eigenzinnigheid, iets wat Constantijn in de omgang met menselijke soortgenoten miste.
Daan, een net iets te goede vriend van Constantijns zus Julia, had een hartgrondige afkeer van Nikola Tesla, wat bleek uit de geniepige schoppen die hij het dier gaf op momenten dat hij zich er niet bewust van was dat hij nauwlettend in de gaten werd gehouden.
De enige reden dat Constantijn de buurjongen hier nog mee liet wegkomen, was de plakkerige aanwezigheid van Julia, die de kat overigens steevast Lady Gaga bleef noemen omdat ze Nikola Tesla een belachelijke naam vond. Constantijn had haar er tevergeefs geprobeerd van te overtuigen dat de meest voor de hand liggende optie was de kat naar de in vergetelheid geraakte uitvinder van wisselstroom te noemen, vanwege de volgende drie redenen:
1. Nikola Tesla was heimelijk verliefd geweest op een vrouw met de naam Katharine, die hij Kat noemde;
2. Nikola Tesla had een voorliefde voor duiven;
3. Nikola Tesla had een obessie voor het getal drie.
Daarnaast had Constantijn zijn zus erop gewezen dat het nog veel belachelijker was om een káter Lady Gaga te noemen, wat Julia verdedigde met het punt dat Lady Gaga zich nooit zou laten leiden door een bekrompen hokjesgeest, wat Constantijn weerwoordde met het gegeven dat de wereld een anarchistische chaos zou zijn als er eenvoudigweg niets werd gecategoriseerd, geclassificeerd en getaxonomeerd.
Doordat er nooit overeenstemming was gekomen over de naam van de kat noemde hun moeder hem Lala, enkel door Constantijn getolereerd omdat zij degene was die ervoor zorgde dat het dier dagelijks werd voorzien van voer en een schone kattenbak, hoewel Nikola Tesla een overduidelijke voorkeur had voor het gebruik van het kattenluikje in de achterdeur en het gat in de heg naar de tuin van de buren.
Op het moment dat Constantijn zag dat Nikola Tesla in handen van Daan was gevallen, bevond de kat zich al buiten het raam van de dakkapel, en werd in de halve seconde erna losgelaten en nagekeken door een voorovergebogen Daan. Gezien Julia’s huidige zeldzame afwezigheid bedacht Constantijn zich geen moment en liep naar Daan, tilde diens voeten op en keek vervolgens toe hoe Nikola Tesla, die veilig op zijn drie pootjes terecht was gekomen, zich uit de voeten maakte, exact drie milliseconden voordat Daan op de tuintegels neerstortte.
Net toen Constantijn de zoldertrap was afgelopen, kwam Julia naar boven, met in beide handen een glas cola. Ze werd op de voet gevolgd door Nikola Tesla, die langs haar heen de slaapkamer van Constantijn inschoot.
Zonder zijn zus een noemenswaardige blik te gunnen volgde hij de kat zijn kamer binnen, sloot de deur achter zich en ging op zijn rug op bed liggen. Nikola Tesla zette zich af voor een sprong, landde gracieus op Constantijns buik en vlijde zich neer als de sfinx voor de drie piramiden van Gizeh. Boven hen klonk Julia’s stem die vragend Daans naam uitsprak, gevolgd door een angstaanjagende gil en stampende voeten op de trap naar beneden.
Nikola Tesla spinde vergenoegd met zijn ogen dicht en hield zijn kopje omhoog, intens genietend van Constantijns liefdevolle gekriebel onder zijn kin.













