Wachtwoord vergeten Registreren
Zoeken
uitgebreid zoeken

Upload

Literair werk uploaden

Reageren

Reageren en commentaar geven op dit literair werk? Favoriet maken of alle commentaren, reacties en wijzigingen automatisch volgen?

Log dan in.
Zien welk commentaar al gegeven is? Klik dan op 'Toon commentaarvlaggen'

Toon commentaarvlaggen

I.M. voor een hound dog man

Kort verhaal
profielfoto
23 sep 2016
5 reacties
529 keer gelezen
4
Toelichting van de auteur bij deze versie:
Met name de waardevolle suggesties van Marieke hebben me aangezet om het ruwe materiaal nog eens op de slijpbank te leggen.

Copyrightkeuze:
Volledig copyright

Werk is leesbaar voor:
iedereen

‘Ik geef nu graag het woord aan de heer Duco de Haan, de oudste broer van de overledene,’ zei de begrafenisondernemer aangedaan en maakte dat hij wegkwam. De kerk hield de adem in. Voorin, zoals het hoort, tante Zwaantje, de echtgenote van de overledene, met de rest van de familie, dan een hele tijd niks, en tegen de achterzijde, samengedrongen rond de uitgang, de overige aanwezigen.

Ome Duco stond op en liep met onzekere tred naar het spreekgestoelte. Dat hij niet de kortste weg nam, wekte geen verbazing. Iedereen begreep dat hij een gepaste afstand tot de kist wilde bewaren. Op uitdrukkelijk verzoek van zijn overleden broer Benno werd het stoffelijk overschot namelijk omringd door een groep onrustige dodenwaakhonden, ruwharige en speciaal voor deze gelegenheid uit de kluiten gewassen bouviers. Met geruststellend zware kettingen voelden zich met de kist, maar meer nog met de inhoud van de kist verbonden. Hoewel de bewegingsvrijheid van de krachtpatsers beperkt was, was hun gedrag dermate angstaanjagend dat ik er niet aan moest denken wat er kon gebeuren als bij een van de dieren de zwakste schakel het begaf.

Gezien zijn ruime omweg was ook ome Duco blijkbaar niet helemaal zeker van het hang- en sluitwerk. Het werd door de geëmotioneerde honden flink op de proef gesteld. Het ene moment stonden ze met ver opgetrokken bovenlip als een stel wolharige klipgeiten allemaal op de kist, het andere moment sprongen ze er zonder aanleiding net zo vrolijk weer van af. Rusteloos. Onbedoeld werd de kist zo zwaar op zijn degelijkheid beproefd. Aan alle kanten werd met grof geweld getrokken. Zozeer dat de zijpanelen waaraan de dieren vastzaten, bedenkelijk uitbolden waardoor ook de deksel ging kieren. De assistente van de begrafenisondernemer probeerde tevergeefs met het toewerpen van mergpijpjes voor de rust te zorgen die past bij een begrafenisplechtigheid. Rust, die, zo vernam ik later van tante Zwaantje, bij de voorbespreking door de begrafenisondernemer ook nadrukkelijk was toegezegd. ‘Hij had het over het nieuwe uitvaren,’ zei tante. ‘Het ging volgens hem tegenwoordig om de overledene. Die moest er een goed gevoel aan overhouden’. De erewacht deed in ieder geval zijn best.

‘Misschien heeft u zich wel eens afgevraagd,’ begon ome Duco na een laatste schichtige blik op de erewacht, ‘wat die vreemde tekst betekent boven de poort die toegang geeft tot het bedrijf van mijn broer Benno. Het bedrijf dat hij in een periode van bijna veertig jaar groot heeft gemaakt. Voor wie het niet paraat heeft: boven de poort staat: Canis inter canes, Homo inter homines. Dat is Latijn en het betekent letterlijk: hond onder de honden, mens onder de mensen.

Hoe toepasselijk! Want mijn broer Benno was waarlijk hond onder de honden en mens onder de mensen. Het zal sommigen van u wellicht de wenkbrauwen doen fronsen, maar ik vind dat ik op deze bijzondere dag, op dit speciale uur, eerlijk en open moet zijn, geheel in de geest van Benno. Nu hij geen hond onder de honden meer is en evenmin mens onder de mensen, mag ik u wel verklappen dat mijn broer erop stond dat hij als Bello werd aangesproken als hij onder de honden was. Hij was een hondenfluisteraar avant la lettre. Wie hem op zo’n moment, bewust of uit onwetendheid, Benno noemde, viel slechts gegrom ten deel. En niet alleen van Bello, maar ook van de rest van de roedel. Want een roedel volgt zoals u weet het alfa-mannetje, the leader of the pack, zoals de Engelsen zo mooi zeggen, blind. En dat was in dit geval mijn broer Bello. Pardon, Benno.’

Intussen besnuffelden de dieren de kist onophoudelijk. Een kind kon zien dat ze voelden, of misschien wel wisten, dat daar hun alterego en tegelijk hun bezweken leider in lag. In dit machtsvacuüm was ruimte voor nieuw leiderschap. Een jonge, krachtige bouvier voelde blijkbaar dat zijn tijd gekomen was. De oude leider liet het afweten, had zich verstopt, was bang? Wie kan er in het hoofd van een bouvier kijken? De enige die dat een beetje kon, was mijn oom, maar met die wetenschap schoten we weinig op. Hoe het ook zij, de roedel vroeg om nieuwe leiding. Enkele teefjes maakten al voorzichtig avances. Het grote wonder van leven en dood voltrok zich hier voor onze ogen. Nog voorzichtig maar toch…

‘’Beste mensen, de roedel die u nu op de kist ziet staan, zag staan, ach, nu staan ze er weer op, ziet staan dus, volgde zijn alfa-mannetje, en dat was in hun geval dus Bello de Haan. Van Benno de Haan had de roedel volgens Benno nog nooit gehoord. Overigens had mijn broer als hij onder zijn honden verkeerde niet alleen moeite met zijn voornaam, zijn achternaam zat hem ook flink dwars. Bello de Haan was weliswaar beter dan Benno de Haan, maar of hij als Bello de Haan wel echt serieus genomen werd door de roedel bleef voor hem steeds een punt van twijfel.’

Ik zat schuin achter tante Zwaantje. Na deze indrukwekkende inleiding van ome Duco boog zij opzij naar de naast haar zittende tante Coosje, haar stokdoofstomme zus, en fluisterde uit volle borst: ‘Wat een onzin allemaal. Benno was hond onder de honden maar ook hond onder de mensen. Zo was het, Coos, en niet anders. Zal ik je eens wat vertellen, hij noemde mij steevast teef, en lang geleden soms teefje, dat was in ieder geval nog wat. Niet om lelijk te doen hoor, maar zo was het wel. Hond onder de mensen. Op zijn hondjes. Wat moest ik?’

Ik zag hoe tante Coosje haar zus met een nietszeggende blik aankeek en knikte. Het was duidelijk dat ze de boodschap compleet had gemist. Maar tante Zwaantje had even haar hart gelucht. Dat kon bij niemand beter dan bij haar zus Coosje die nog nooit een geheimpje had verklapt.

 

De hele situatie was niet zozeer bizar maar veeleer meer dan dat. Het verbaasde me niet want mijn oom was een bijzonder mens, al doet bijzonder hem zeer te kort. Ondanks zijn grillen en vreemde voorkeuren mocht ik hem graag en als het even kon, zocht ik hem op in zijn hondenparadijs. Ome Benno had in Utrecht biologie gestudeerd en was tot de conclusie gekomen dat de combinatie mens-hond, of andersom zo men wil, in een periode van een paar duizend jaar een zodanige eenheid was geworden dat de biologische evolutie, met zijn variatie, selectie en voortplanting, niet langer op de hond of de mens afzonderlijk inwerkte maar op de combinatie. Een psychosymbiotisch wezen: nog wel twee entiteiten maar steeds meer één psyche.

Ome Benno besloot door participerend onderzoek de psychsymbiotische kenmerken te ontrafelen en de evolutionaire selectieprocessen bloot te leggen. Hij wilde er zijn afstudeeronderwerp van maken maar daar zag zijn prof weinig heil in. Voor je het wist, kreeg je de roddelpers achter je aan en hij wilde de laatste jaren zonder hobbeld afglijden richting emeritaat.

Omdat onze familie niet onvermogend is en mijn opa wel wat zag in zijn zoon, kreeg deze na zijn studie de gelegenheid om in alle vrijheid zijn eigen onderzoekscentrum op te zetten. Opa zorgde voor een startkapitaal en raadde zijn zoon aan om naast zijn onderzoek iets te gaan doen met het fokken van honden. Dat paste natuurlijk uitstekend bij het beoogde onderzoek. Het opmerkelijke toeval wilde dat deze aanloopperiode zich afspeelde in de tijd van Kennedy. Gebiologeerd door zijn passie stuitte ome Benno op een zeker moment op Kennedy’s prachtige echtgenote Jacqueline, die van zichzelf Bouvier heette. Hij zag dit als een teken, nomen est omen. Je ziet het pas als je het doorhebt, hield hij mij vaak voor. Veel later hoorde ik Johan Cruijff het zelfde beweren, dus er moet een kern van waarheid in zitten. In zijn verhitte geest waren mens en bouvier in zekere zin al samengekomen in deze bijzondere vrouw. En zo was de keuze voor de bouvier, de Vlaamse koehond zoals die ook wel wordt genoemd, niet moeilijk meer. Vlaamse koehond, een naam die volgens ome Benno ook al aangaf hoe symbiotisch de bouvier in wezen was.

‘Wij gaan mijn broer nu teruggeven, niet aan de aarde maar aan de natuur,’ sprak ome Duco die aan het einde van zijn verhaal was aangekomen. Ik verzoek u vriendelijk om naar voren te komen zodat wij in symbiose met de honden Benno los kunnen laten.’

Veel verder dan een enkel stapje kwamen de aanwezigen niet. Velen trokken wit weg, sommigen begonnen ijskoud te zweten en een enkeling viel flauw. De combinatie honden en loslaten bracht weinig enthousiasme te weeg. Met een knikje naar de begrafenisondernemer werd de muziek gestart: “Hound dog man”, van Fabian:

That's the kind of life for me

There's one thing I wanna be, and that's a

Hound dog man, hound dog man, I wanna be a hound dog man

Hound dog man, hound dog man, I wanna be a hound dog man

Hound dog man

Hound dog man

 

Begeleid door de opzwepende jaren vijftig rock werd met een klaarstaand takeltje de deksel van de kist opgetild. Met een machtige sprong verdween het nieuwe alfa-mannetje in de kist en eigende zich het smakelijkste deel van oom Benno toe. Er klonk gegil. Er begon een klok te luiden. De groep achterin de kerk hield het voor gezien.

Tante Zwaantje hoorde ik uitgelaten tegen zus Coosje zuchten: ‘Dat ik daar zelf niet eerder op ben gekomen…’

Coosje sloeg niet aan. Ze knikte, maar van enig begrip was geen sprake.

Reacties

28-09-2016 13:00
Beste Tom,
Wat ben je weer gul voor me. Hoe lang zeur ik al niet aan je hoofd met mijn breinbrouwsels? En nooit komt er een verveelde reactie. Gelukkig wel altijd een kritische. Dank.
26-09-2016 16:46
Dag Marieke,
Ik ben je zeer erkenetelijk voor je verstandige en waardevolle redactiewerk. Ik heb bijna alle suggesties overgenomen. Het verhaal wordt sterker en sterker. Ik doe het voor tante Zwaantje want die heeft het niet makkelijk gehad. Met nog de pech dat ze ome Benno heeft overleefd.
26-09-2016 13:49
Een prima verhaal, ik heb wat suggesties gedaan want af en toe knarsen zowel woorden en zinnen. Hardop lezen! Dat heb ik ook moeten leren en het helpt echt.
25-09-2016 20:43
Dag Gerard,
Dank weer. Dit smaakt naar meer.
24-09-2016 07:15
Hapt heerlijk weg, zie vlaggetje.
Deze site wordt mede mogelijk gemaakt door
Volg ons via