Wachtwoord vergeten Registreren
Zoeken
uitgebreid zoeken

Upload

Literair werk uploaden

Reageren

Gebruik onderstaande knoppen voor de redactiefuncties.

'Reageer' is voor algemene reactie op het werk.

Klik met de muis op een woord in de laatste versie van de tekst om commentaar over dat deel van de tekst toe te voegen.

Alle commentaarvlaggen kunnen getoond en verborgen worden.

Reageer
Toon commentaarvlaggen

Het konijnenpak

Kort verhaal
profielfoto
11 mrt 2012
3 reacties
557 keer gelezen
3
Copyrightkeuze:
Volledig copyright

Werk is leesbaar voor:
iedereen

Eigenlijk had ze hier vandaag helemaal niet moeten zijn.  Kaia had het stikheet.  Al ruim drie uur liep ze verkleed als een gigantisch konijn rond in het overdekte winkelcentrum, proberend chemisch smakende snoepjes in de vorm van paaseieren aan de man te brengen. Dat het nog lang geen Pasen was, of dat het snoepgoed ronduit afschuwelijk smaakte, leek er niet toe te doen; ze hield zich er persoonlijk verantwoordelijk voor dat de marmeren vloer van het winkelcentrum bezaaid lag met lege snoepverpakkingen. Die koters van tegenwoordig hadden geen smaak, bedacht ze; de paaseieren in de meest verblindende kleuren verdwenen met knuisten vol in hun bolle wangen, waarna ze zich losrukkend uit de greep van hun vermoeide moeders weer naar Kaia renden, bedelend om meer.
Hoe sneller ze echter van haar voorraad adhd-veroorzakers afwas, hoe beter.  Haar haar plakte tegen haar wangen onder het konijnenhoofd, haar vel jeukte,  en haar slipje zat al minstens anderhalf uur in haar bilnaad. Ongelooflijk grote ongemakken, nu ze niet over haar eigen handen maar over fluffige konijnenpoten beschikte.
Om het allemaal erger te maken wist ze zeker dat ze te laat zou komen op haar blind date vanavond. Afgaand op zijn humoristische berichten op het forum van de Amsterdamse Milieuactivisten had ze er een goed gevoel over af te spreken met iemand die ze nog nooit had gezien.
Vegan4life, zijn echte naam wist ze niet, deed haar regelmatig hardop lachen met zijn schrijfsels, liep mee in demonstraties en deelde haar idealen over biologisch boeren. Wat haar nog het meest aantrok: hij vroeg haar niet meer foto’s te sturen voor ze elkaar in het echt zouden ontmoeten. Blijkbaar wilde hij het risico afgaand op haar berichten wel nemen; haar profielfoto op het forum was verouderd en ietwat onscherp.
Kaia vroeg zich af of ze überhaupt tijd zou hebben te douchen voor ze zich naar het restaurant moest haasten. En dat allemaal omdat ze zo nodig haar beste vriendin uit de brand wilde helpen, toen die op het laatste moment voor een auditie werd opgeroepen. Een reclamespotje voor tandpasta, nota bene.
Een ruk aan haar staart deed haar opschrikken uit haar overpeinzingen.
“Heeft u nog snoepjes? Meneer Konijn, meneer Konijn, heeft u nog snoepjes?”
Log draaide Kaia zich om. Vanuit de te kleine ooggaten in het konijnenhoofd kon ze nauwelijks iets zien, en al helemaal niet als de personen voor haar zich op heuphoogte bevonden. Met moeite bracht ze haar poten naar het konijnenhoofd, proberend te voorkomen dat die van haar hoofd afviel terwijl ze de nek boog om de kinderen beter in het vizier te krijgen. Kaia in het konijnenpak zag er nu uit als een verschrikt konijn.
“Ten eerste is het mevrouw Konijn, en ten tweede; niet aan mijn staart trekken, het pak is niet van mij.”
Om haar punt te benadrukken plantte ze haar poten in haar zij. Het nadeel hieraan was dat ze de kinderen niet meer kon zie; de konijnenkop zakte naar voren en ontnam haar het zicht. Aan hun gegiechel te horen hadden ze haar mand met snoepgoed echter al gevonden.
Richting het geluid van graaiende en wegrennende kinderen schuifelend besloot ze dat het voor vandaag genoeg was geweest; met wat geluk namen die mormels het overgebleven snoepgoed mee, waarmee ze ontslagen zou zijn van de verplichting nog langer in het winkelcentrum te moeten rondlopen.
Kaia had nauwelijks de konijnenkop van haar  bezwete hoofd afgesjord of ze zag een gedrongen man geagiteerd op haar af komen.
“Ho, ho eens, jongedame, waar gaat dat heen?” riep hij, nog voor hij zelfs maar tot stilstand was gekomen.
“Naar huis, dacht ik zo,” antwoordde Kaia, de konijnenkop neerzettend. “Alles is uitgedeeld.”
Eindelijk had ze haar handen vrij; zo onopvallend mogelijk wreef ze met de konijnenpoten over haar buik en bovenarmen tegen de jeuk.
“Nee nee, de afspraak was vier dozen, Ka, Kaaa, Kara, Karinawatwashetookalweer?”
“Kaia. En ik weet niets van die afspraak, ik val slechts in voor een vriendin.”
“Goed, invaller of niet: je kunt pas weg als die twee dozen uit het magazijn ook leeg zijn.  Hier is de sleutel, dan kun je de mand zelf steeds bijvullen.”
Kaia hield op met wrijven en keek beteuterd naar zijn uitgestoken hand.
“Oh, en ik zou het op prijs stellen als je het konijnenhoofd weer opzet. Dat is interessanter voor de doelgroep.” Met die woorden draaide hij zich om en snelde weer weg, richting de snoepwinkel.
Diep zuchtend zette Kaia de konijenkop weer op. Met de rietenmand aan haar arm sjokte ze richting het magazijn van de snoepwinkel. Ze werd moedeloos bij de gedachte nog meer tijd in het winkelcentrum door te moeten brengen. De mand zwaaide bij iedere schuifelstap flink heen en weer, terwijl ze met haar vrije konijnenpoot verwoed over haar buik wreef.

Tegen de tijd dat Kaia de laatste doos promotiesnoepgoed had uitgedeeld stierf ze van de honger. Ze was meerdere malen in de verleiding gekomen een stel zakjes met snoep open te scheuren en ze gewoonweg een voor een leeg te gieten boven haar opengesperde mond, maar de lange lijst E-nummers en synthetische toevoegingen op de achterkant van de verpakkingen weerhield haar. Over niet minder dan een uur werd ze in het restaurant in de binnenstad verwacht voor haar blind date. Als ze niet snel iets in haar maag kreeg zou ze echter de tram niet eens halen voor ze van haar stokje ging. Het nadeel van dit soort winkelcentra was dat ze gericht zijn op de massa. Met een zucht stelde Kaia vast dat de kans dat ze een plek zou vinden waar ze iets serveerden dat  enigszins als gezond, laat staan biologisch, kon worden beschouwd, nihil was.
De groep joelende kinderen die de roltrap op kwam vereenvoudigden haar zoektocht; Kaia schuifelrende zo snel als ze kon de eerste de beste snackbar in.

Valentijn, aka Vegan4life, treuzelde voor de ingang van het restaurant dat, afgaand op recensies op het internet, ‘een groene smaaksensatie voor de vegetarische en veganistische liefhebber’ was. Om zich een houding te geven wisselde hij van schouder met zijn rugtas en haalde zijn telefoon tevoorschijn.
“Ik ben er. En nu?”
Zijn broer reageerde meteen op zijn tekstbericht.
“Ga naar binnen, Bangerd4life! Wie niet waagt, die niet wint…”
Valentijn propte zijn mobiel terug in zijn broekzak. Zijn broer had makkelijk praten, die had nog nooit een  blauwtje gelopen.
Hij had haar meteen herkend van haar profielfoto toen ze in het konijnenpak, de kop onder de arm, in de rij ging staan om iets te bestellen. EcoWarrior84 was haar schermnaam, en dat ze rondliep als een gigantisch konijn kon hij alleen maar beschouwen als een pluspunt. Wellicht was er een demonstratie gaande waarvan hij niet op de hoogte was.
Zijn opgetogen gevoel haar in levende lijve nog geen drie meter voor zijn neus te zien sloeg echter snel om in onzekerheid. Niet dat hij haar niet wilde ontmoeten; juist graag, nu meer dan ooit. Zelfs verkleed in een konijnenpak vond hij haar prachtig. Maar een eerste indruk was belangrijk, en hij wilde niet dat ze hem zag met een schort vol vetvlekken voor, en een plastic petje op zijn hoofd dat hem het aanzien van een puisterige tiener gaf.
Toen EcoWarrior84 bijna aan de beurt was om te bestellen, besloot hij dat het hoog tijd was de gril de gril te laten; vanuit de balie hadden de klanten uitstekend zicht op dat deel van de keuken.
Zelfs vanuit de koelcel, waar hij deed alsof hij druk op zoek was naar iets, kon hij zijn broer horen tieren over de verbrande burgers. Hij nam zijn plaats achter de gril niet in eer hij zeker wist dat ze was vertrokken. Pas na sluitingstijd kwam hij erachter kwam dat ze de konijnenkop had laten liggen.

Inmiddels was hij technisch gezien minstens tien minuten te laat op hun afspraak door zijn getalm. Wat als zij hem ook had herkend, en besloten had niet op te komen dagen? Of als ze dacht dat hij een enorme hypocriet was; hij was immers burgers aan het bakken die middag, ook al was hij een overtuigde veganist. Dit was de eerste en laatste keer dat hij zijn broer, de manager van de snackbar, uit de brand hielp.
Zo onopvallend mogelijk probeerde hij een blik naar binnen te werpen door de ruit naast de ingang. De afgang van zijn plan zou des te kleiner zijn als ze was komen opdagen. Voor hij zich kon bedenken sjorde Valentijn de konijnenkop uit zijn rugtas, zette het op, en stapte het restaurant in.

Kaia wurmde zich tussen de poortjes van de tram door; met een harde ruk vanuit de heupen kreeg ze haar staart weer los en tuimelde de straat op. Zoals voorspeld had ze geen tijd gehad te douchen, noch om zich om te kleden. Om het allemaal nog ietsje erger te maken was ze haar konijnenkop verloren. Ze was er vrijwel zeker van dat ze het in de snackbar had laten liggen, maar tijd om terug te was er niet.  Om een confrontatie met de eigenaar van de snoepwinkel te vermijden - hij zou haar konijnenkoploze staat vast niet op prijs hebben gesteld – had ze uiteindelijk het winkelcentrum verlaten met het pak nog aan. Morgen zou ze langs de snackbar gaan en het weer heelhuids retourneren, bedacht ze, terwijl ze zich door de straten van Amsterdam haastte.
De blikken die ze van voorbijgangers kreeg deerden haar niet; Kaia maakte zich er nu alleen zorgen om of Vegan4Life nog in het restaurant op haar zou wachten. Dat ze in een pluizig pak met een gemangelde staart aan kwam zetten op hun date zou hij hopelijk beschouwen als iets aandoenlijk excentrieks.
Ze struikelde bijna van schrik toen ze de hoek omkwam en een jonge man voor het restaurant zag staan; zo te zien probeerde hij iets uit zijn rugzak te halen. Ze stond op het punt zijn schermnaam te roepen en had haar arm al opgeheven om te zwaaien toen ze twee pluizige oren uit de tas zag steken. Verbaasd, haar arm bevroren in de lucht, keek ze toe hoe hij haar verloren gewaande konijnenkop opzette en in het restaurant verdween.
Met een brede glimlach spoedde ze zich zo snel als haar konijnenpoten het toelieten achter hem aan.

Werk is definitief.

Reacties

20-03-2012 11:39
Ah, nevermind, zie het nu in de zijbalk!
20-03-2012 11:38
Beste Andries,

dank voor je feedback, ik ga ermee aan de slag, het punt van de verloren konijnenkop en het weer ophalen is inderdaad een goede, helemaal over het hoofd gezien. Wat betreft die vlagjes; zijn die in de tekst geplaatst, en zo ja, hoe kan ik die zien?

vriendelijke groet
20-03-2012 11:21
Beste CSSL,

Je hebt een leuk verhaal te pakken. Zowel de ontwikkeling in het verhaal als het neerzetten en spelen met het karakter en de personages werkt wel voor mij.
Waar nog wel een hoop te winnen is, is met de waarachtigheid van je verhaal. Een aantal situaties roepen eigenlijk te veel vragen op terwijl dat niet nodig is. Bijvoorbeeld: als Kaia haar konijnenkop in de snackbar laat liggen, waarom haalt ze hem niet gewoon op? Even erna schrijf je namelijk dat ze de hele middag verder zonder kop heeft rondgelopen. Wanneer ze haar konijnenkop pas aan het eind van de middag kwijtraakt of vergeet, dan snap ik waarom ze hem laat liggen. Dezelfde haast zou je dan kunnen gebruiken om aannemelijk te maken dat ze inderdaad haar pak niet meer uittrekt.
Ik heb een paar vlagjes geplaatst. Kijk maar of je er iets mee kan.

Vriendelijke groet, Andries
Deze site wordt mede mogelijk gemaakt door
Volg ons via