Al vele malen ben ik gevallen voor die lach
tussen haar ogen en wiegende borsten
die spiedend verklaarden alles te zien
in het licht van haar tanden, rood omrand
mijn ogen tot knipperen verzaagd
spraken enkel nog van schaamte
waar ik begraven was wist ze wel, toch
daar in de wallen van mijn ogen
het besluit om het graf waar ik spookte
te schonen voor drank en't brede lachen
van mensen in mijn doelgerichte kamer
de wallen onder mijn ogen te verbouwen
tot dijken die tranen tot meren maakten
weer te vallen voor het lachen tussen
spiedende ogen boven wiegende borsten
van and're vrouwen, telkens weer







