Wachtwoord vergeten Registreren
Zoeken
uitgebreid zoeken

Upload

Literair werk uploaden

Reageren

Reageren en commentaar geven op dit literair werk? Favoriet maken of alle commentaren, reacties en wijzigingen automatisch volgen?

Log dan in.
Zien welk commentaar al gegeven is? Klik dan op 'Toon commentaarvlaggen'

Toon commentaarvlaggen

De laatste 30 tellen

Gouden Tijden, Zwarte Bladzijden
profielfoto
15 dec 2012
2 reacties
390 keer gelezen
3
Copyrightkeuze:
Volledig copyright

Werk is leesbaar voor:
iedereen

Onder water blijven. Nog even en dan is het achter de rug. Hoe lang nog? Ik stik. Dertig tellen. Ik hou het niet meer. Ik raak in paniek. Ik wil naar boven. Ga, ga dan naar boven. Nee, niet aan toegeven.

Mijn lichaam krijgt een eigen wil en werkt niet mee. Ik voel het verzet door te weinig zuurstof. Mijn gedachten schreeuwen. Ik ben de baas over mijn eigen lichaam en ik wil doorzetten. 

Dit is moment dat mij wekenlang heeft beziggehouden. Het moment van de waarheid. Ik wil mijn gedachten erbij houden. Tellen, gewoon doortellen. Mijn paniek neemt iets af. Het tellen helpt mij om door te zetten. Ik negeer mijn bonkende hartslag en mijn krampachtige slikbewegingen. Het stokt in mijn keel. Drie slikbewegingen is het signaal om adem te halen. Ik heb al vier keer geslikt. Ik kan het echt niet meer volhouden. Onder water blijven. Ik moet, het mag nu niet misgaan, anders is alles voor niets geweest. Denk aan school. Nee, niet aan school, daar begrijpen ze me niet. Ik ga het niet redden. Ik verdrink. 

Nog twintig tellen, dan is het voorbij. ‘Geen zorgen,’ zeggen mijn ouders.

‘We staan achter je, dit is wat je wil.’ Ik hoor het mijn moeder nog zeggen: ‘Het is een moeilijke fase maar het komt wel goed.’ 

‘Nou mam, zo eenvoudig ligt het dus niet. Het gaat niet vanzelf.’

Mijn vader probeert het mij altijd naar de zin te maken. Hij bedoelt het goed. Ik ben niet knap. Eén meter vijf en zestig en mager als een lat. Mijn lange blonde haren raken los. Ik ga het nooit afknippen. Zonder mijn haardos ben ik net een muis. Mijn spitse neus en diep liggende grijze ogen.

Mijn moeder zegt altijd dat ik de knapste van allemaal ben. Ik geloof haar niet.

Ik moet doortellen. Achttien, zeventien, zestien. Mijn oren beginnen te suizen. Ik krijg kramp in de benen. Mijn benen worden zwaar en willen niet meer. Doorzetten, kom op, je kunt het. Je kunt jezelf niet verdrinken, maar dat geloof ik niet. Heb ik al vier slikbewegingen gehad? Natuurlijk kan je jezelf verdrinken. Het komt er nu op aan.

Ik mag niet sneller gaan tellen. Vijftien, veertien. Niemand kan me helpen, dit moet ik alleen doen. ‘Ikke zelf doen,’ net zoals vroeger. Wat ik ook deed, het lukte me vaak wel. Ik ben een echte doorzetter.

Dertien, twaalf, elf. Mijn longen klappen uit elkaar en mijn hoofd voelt zo groot als een ballon.

Zullen mijn klasgenoten verrast zijn als ik morgen in de krant kom te staan? Gaan zij anders over mij denken? Mijn klasgenoten weten niet veel over mij. Eigenlijk heb ik helemaal geen vriendinnen. Na schooltijd bleef ik nooit hangen in het fietsenhok. Snel naar huis. Vijftien kilometer voorovergebogen met de tong op het stuur. Altijd tegen de wind in, mijn haren nat van het zweet. Logeren bij iemand was er niet bij. Uitnodigingen voor feestjes sloeg ik af. Toch wel jammer dat ik geen vriendinnen heb.

Nog tien tellen. De laatste tien tellen. Het duurt langer dan ik had verwacht. Ik heb me toch goed voorbereid? Alles heb ik keer op keer doorgenomen. Mijn doorzettingsvermogen wordt wel erg zwaar op de proef gesteld. Ik begin te twijfelen maar ik heb nu geen keuze meer. Het is te laat. Ik ben eraan begonnen en ik zal het afmaken ook.

Tien, negen, acht. Ik hoor bijna niets meer. Het is doodstil boven mij. Zelfs het heldere water beweegt niet. In een glimp kan ik mensen zien staren naar mij. Zij staan rondom mij heen. Waar denken zij aan? Hebben zij medelijden met mij?

Ze staan daar maar te staan en doen niets anders dan kijken. Hun monden staan open. Enkelen houden hun hand voor de mond, anderen hebben hun hand op het hart. Ik voel me nu gelukkig. Ik zweef in het water. Alleen.

Vier, drie, twee. Omhoog, omhoog, nu! Met mijn laatste krachten breng ik mijn armen omhoog en trek mijn benen onder me. Eindelijk kom ik boven water en hap met een grimas op mijn mond naar lucht. Ik heb het gehaald, het is me gelukt.

Ik hoor een oorverdovend geklap van mensen. Ze staan te juichen en te fluiten.

Drieënhalve minuut ben ik onder water gebleven. Wat ben ik blij dat het voorbij is.

De volgende dag lees ik lachend in de krant dat ik  als eerste ben geëindigd met mijn solonummer tijdens het Nederlands kampioenschap kunstzwemmen! Wat ben ik trots.

Reacties

18-12-2012 22:06
Bedankt voor je reactie.
18-12-2012 19:49
Niet na te beleven verhaal. Wel mooi geschreven en spannend.
Deze site wordt mede mogelijk gemaakt door
Volg ons via