Foarskôging
Moarn stiest lâns de kant fan de wei
ik mei dy oppikke. In frjemd gefoel
do stiest dêr – of do bist der noch net –
en ik kom oanriden, of wachtsje op dy.
Lees verderIk legde eerbiedig de laatste stappen af over de met mos begroeide tuintegeltjes.Haar kleindochter, die geen kleindochter bleek ging mij voor.Hoe dichter ik haar naderde, des te meer vogelzang er opsteeg uit de tientallen, misschien wel honderden vogelkeeltjes alom vertegenwoordigd in de weelderige tuin.
Lees verder
'Zo zit ik niet in elkaar.'
'Je kunt toch wat water bij de wijn doen.'
'Hoeveel water wou je hebben?'
We zaten te eten in een restaurant, op het plein werden tweedehands waren verkocht, de kerk aan de overkant had onze belangstelling. 'Als ik trouw wil ik in de kerk trouwen.
Lees verderUit het nest.De rolkoffer is knalroze en versierd met een Disney tekening van drie prinsessen. Thuis heeft ze me uitgebreid verteld welke prinsessen het precies zijn: Assepoester, Doornroosje en Sneeuwwitje. Zelf is ze prinses Amalia. Een naijlend effect van de Kroningsdag. De koffer komt van de kleedjesmarkt.
Lees verderSchatplichtigHet was niet Santiago de Compostella of een andere bedevaart van boetedoening dat Ruud rust gaf. Zelfkastijding zat in zijn bloed. Moedwillig beschadigen, krassen in zijn arm, nagels er af bijten, het slaan met zijn hoofd tegen muren. ‘Bonken’ noemde hij het. Het was de doorverwijzing naar een psycholoog wat hem uiteindelijk kalmeerde.
Lees verder